Algemene dekkingsmiddelen en onvoorzien

Uitkering Gemeentefonds

Uitkeringen gemeentefonds 2025-2028
De uitkering gemeentefonds (UGF) 2025 en de UGF 2026-2028 zijn gebaseerd op de meicirculaire gemeentefonds 2024.

In de meicirculaire is de nieuwe normeringssystematiek naar voren gehaald. De nieuwe normeringssystematiek bestaat uit 2 delen: de volumeontwikkeling van het accres wordt geïndexeerd op basis van de ontwikkeling van het bruto binnenlands product (BBP). Het volume accres wordt hierdoor sinds 2024 gebaseerd op een 8-jaars historisch gemiddelde (t-9 t/m t-2) van de ontwikkeling van het bbp. Daardoor staat de (volume)accres-ontwikkeling voortaan vast voor de hele meerjarenraming.
De index voor loon-prijsontwikkeling werd tot nu toe altijd gebaseerd op de CPB-raming van de loonvoet sector overheid, index materiële overheidsconsumptie en overheidsinvesteringen. De indexatie van het accres voor loon- en prijsontwikkeling wordt sinds 2024 gebaseerd op de prijs bruto binnenlandse product (bbp).
We hebben de reservering voor loon en prijsstijgingen in onze meerjarenraming echter ook voor de toekomst gebaseerd op de oude samengestelde CPB index. Die is hoger dan de index op basis van de prijs bbp en sluit beter aan bij de werkelijke prijsontwikkelingen bij gemeenten.
Door de invoering van de nieuwe systematiek zijn de loon- en prijs accressen naar beneden bijgesteld t.o.v. de septembercirculaire. Daar staat tegenover dat de opschalingskorting volledig is vervallen. Om de negatieve effecten te compenseren is in 2025 incidenteel budget toegevoegd aan het gemeentefonds. Het ravijn in 2026 blijft echter ongewijzigd.

Sinds een aantal jaren zit er een plafond op het BTW compensatiefonds. Uit dit fonds kunnen gemeenten een groot deel van de BTW die ze betalen, terugontvangen. Als gemeenten meer BTW uit het fonds claimen dan is gereserveerd, wordt dit verrekend met het gemeentefonds en verdeeld over alle gemeenten; is de totale claim lager dan de reservering, dan wordt dit aan de gemeenten uitgekeerd. Gemeenten mogen in hun begroting rekening houden met een stelpost uitkering BTW compensatiefonds tot maximaal de laatst vastgestelde uitkering. Voor Hulst bedraagt de maximale stelpost op basis van de uitkering 2023 ongeveer € 900.000. Gezien de forse schommelingen in deze uitkering houden wij de stelpost in de meerjarenraming constant op € 380.000. Dat komt neer op een stelpost uitkering BCF van ongeveer 40%.

Voor de jeugdzorg wordt opnieuw een incidenteel bedrag ontvangen in 2025 van ruim € 800.000 voor Hulst, omdat de extra Rijksbezuiniging van € 500 miljoen op jeugd nog niet is ingevuld,. Wij gaan er in de meerjarenraming nog steeds vanuit dat het effect van de hervormingsagenda budgettair neutraal zal verlopen.

De middelen die zijn toegevoegd c.q. onttrokken aan het gemeentefonds door wijzigingen in de door gemeenten uit te voeren taken zijn in de begroting verwerkt. Voor zover de daarvoor verwachte uitgaven nog niet op de programma’s zijn begroot, zijn deze middelen gereserveerd onder de nader te concretiseren beleidsvoornemens (NTC).

Onderdelen UGF 2025-2028
Zoals reeds in de inleiding van dit onderdeel genoemd, zijn de hieronder vermelde overzichten gebaseerd op de meicirculaire 2024. In deze circulaire worden de ontwikkelingen vermeld voor de Algemene uitkering (AU), de Integratie- en Decentralisatie uitkeringen (IU en DU) en de Integratie-uitkering Sociaal Domein (IU SD).

De verschillende uitkeringen uit het gemeentefonds zijn als volgt geraamd:

Gemeentefonds-uitkeringen

Primitief 2025

2026

2027

2028

Algemene uitkering

59.315.834

55.433.945

56.093.758

56.739.417

Integratie-uitkering WUW

183.131

187.343

191.652

196.060

Div. overige integratie-uitkeringen

345.407

345.271

320.316

320.316

totaal iu/du

528.538

532.614

511.968

516.376

Uitkering Sociaal Domein Participatie

4.170.158

4.049.468

3.992.367

3.853.487

Totaal uitkeringen Sociaal Domein

4.170.158

4.049.468

3.992.367

3.853.487

Totaal uitkering gemeentefonds

64.014.530

60.016.027

60.598.093

61.109.280

stelpost vrijval ruimte BCF

380.000

380.000

380.000

380.000

Totaal geraamd

64.394.530

60.396.027

60.978.093

61.489.280

Mutatie uitkering gemeentefonds

-3.998.503

582.066

511.187

Uitkering Gemeentefonds 2024–2027
Bij de meerjarige berekening van de UGF moet een inschatting worden gemaakt van de ontwikkeling van de uitkeringsbasis. Voor de meeste maatstaven wordt daarin de inschatting van het Rijk gevolgd, omdat wijzigingen in die inschatting gevolgen hebben voor de uitkeringsfactor en omdat onbekend is wat de ontwikkeling van de maatstaven voor Hulst zal zijn. Daar waar voor Hulst een afwijkende ontwikkeling ten opzichte van de landelijke trend verwacht wordt, zijn eigen inschattingen van de ontwikkeling van de maatstaven gebruikt. In de meerjarige berekening is rekening gehouden met eigen inschattingen voor de volgende maatstaven:

  1. WOZ waarde woningen: Er is rekening gehouden met een waardestijging voor 2024 en 2025 van 6,6% en 0,7%en de jaren daarna constant. Omdat de rekentarieven meerjarig niet worden bijgesteld door het Rijk, moeten de WOZ waarden eveneens constant worden verondersteld. De invloed van de verandering van de WOZ waarden in de meerjarenraming op de UGF, zal worden gecompenseerd door de toekomstige bijstelling van de rekentarieven. Voor niet-woningen is rekening gehouden met resp. 2% en 1,25%.
  2. Inwoners: daling 25 per jaar.
  3. Jongeren: meerjarig daling met 50 per jaar.
  4. Inwoners 75+: stijging met 25 per jaar.
  5. Leerlingen voortgezet onderwijs: prognose DUO.
  6. Leerlingen speciaal onderwijs: prognose DUO.
  7. Bedrijfsvestigingen: constant.
  8. Woonruimten: meerjarig constant.
  9. Raming 2025 lopende prijzen, daarna tegen constante prijzen (dus gecorrigeerd voor compensatie van loon- en prijsmutaties).

Voor de overige maatstaven wordt de trend gevolgd die door het Rijk is ingeschat.

Deze pagina is gebouwd op 11/15/2024 11:21:52 met de export van 11/15/2024 11:16:00